PLCRC biedt een platform voor het verzamelen van

gegevens van patiënten met dikkedarmkanker.

 

deelnemende
centra

 

deelnemende
patiënten

PLCRC-QUALITAS: Kwaliteit van leven van patiënten met uitgezaaide dikkedarm- of endeldarmkanker die worden behandeld met trifluridine-tipiracil als laatste lijn behandeling binnen het PLCRC cohort

23 juni 2018

Eén van de nieuwste behandelmogelijkheden voor uitgezaaide dikkedarm- of endeldarmkanker is trifluridine-tipiracil (= TAS-102 = Lonsurf®). Dit is een combinatietablet van twee middelen, die samen de groei van tumorcellen voorkomen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat trifluridine-tipiracil effectief is bij darmkanker: patiënten die ermee worden behandeld leven gemiddeld 1.8 maanden langer dan patiënten die er niet mee worden behandeld. Sinds februari 2017 is trifluridine-tipiracil beschikbaar in Nederland. Alleen patiënten die niet reageren op of intolerant zijn voor standaardbehandelingen komen in aanmerking voor behandeling met trifluridine-tipiracil.


Lees meer

MEDOCC: moleculaire vroege detectie van dikke darmkanker

22 juli 2016

Dikke darmkanker komt steeds meer voor. De ernst en uitgebreidheid van de ziekte wordt ingedeeld in stadia. Stadium 1 tot en met 3 betreffen de nog niet naar andere organen uitgezaaide darmkanker. Deze stadia zijn potentieel te genezen door de tumor en eventueel aangedane lymfeklieren (stadium 3) operatief te verwijderen. Bij stadium 4 zijn er uitzaaiingen naar andere organen aanwezig.

Lees meer

PLCRC – SPECTRE : 7 Tesla MR SPECTRoscopiE voor het monitoren van de stofwisseling van capecitabine in leveruitzaaiingen

3 augustus 2016

Patiënten met uitzaaiingen naar de lever ten gevolge van dikkedarmkanker worden vaak behandeld met de chemotherapie capecitabine. Of de tumoren goed reageren op de therapie wordt aangetoond door middel van een CT scan. Dit is pas na een aantal kuren mogelijk. Op dit moment is het niet mogelijk om vooraf aan de behandeling met capecitabine te bepalen welke patiënten baat zullen hebben van de gekozen behandeling. Daarnaast ervaren veel patiënten bijwerkingen. Als beter voorspeld kan worden welke patiënten goed reageren op de behandeling met capecitabine, zullen patiënten minder vaak onnodig behandeld worden en daardoor geen onnodige bijwerkingen ervaren.

Lees meer

Onderzoek naar de uitkomsten van patiënten met endeldarmkanker.

5 februari 2016

In Nederland wordt jaarlijks bij ongeveer 4.300 mensen de diagnose endeldarmkanker (rectumcarcinoom) gesteld en sterven er meer dan 1.000 patiënten aan de gevolgen van deze ziekte. De behandeling van endeldarmkanker bestaat uit een operatie, meestal voorafgegaan door bestraling met of zonder chemotherapie. Deze behandeling gaat gepaard met een aanzienlijke kans op bijwerkingen op korte en lange termijn, en veel patiënten ervaren deze behandeling als belastend. Onderzoek naar effectieve(re) behandelingen, met minder bijwerkingen, is daarom van groot belang.

Lees meer

Improving clinical management of colon cancer through CONNECTION, a nation-wide Colon Cancer Registry and Stratification effort.

17 november 2015

Dikkedarmkanker is nog steeds een ernstige ziekte met meer dan 600.000 doden per jaar wereldwijd. Dit is gedeeltelijk te wijten aan een slechte overleving van patiënten met vergevorderde ziekte waarbij de curatieve behandel opties zeer beperkt zijn. Echter zelfs bij patiënten met een tumor in stadium II ontwikkelt ongeveer 20% van de patiënten een recidief ondanks effectieve chirurgische resectie van de primaire tumor.

Lees meer

‘’Specialized nutrition to improve Clinical Outcomes in colorectal cancer PatiEnts (SCOPE)’’ project

9 november 2015

Jaarlijks worden in Nederland ongeveer 15.000 mensen gediagnosticeerd met dikke darmkanker. De behandeling kan bestaan uit een operatie, vaak aangevuld met bestraling of systemische therapie. Ten gevolg van de ziekte en behandeling kan het lichaamsgewicht afnemen, spiermassa verminderen, en vermoeidheid en verlies van eetlust optreden bij patiënten met dikke darmkanker. Het wordt verondersteld dat het behoud van spiermassa en een goede voedingstoestand na diagnose bij kan dragen aan het succes van de behandeling.

Lees meer