PLCRC biedt een platform voor het verzamelen van

gegevens van patiënten met dikkedarmkanker.

 

deelnemende
centra

 

deelnemende
patiënten

Terug

MEDOCC: moleculaire vroege detectie van dikke darmkanker

2019-05-10

Dikke darmkanker komt steeds meer voor. De ernst en uitgebreidheid van de ziekte wordt ingedeeld in stadia. Stadium 1 tot en met 3 betreffen de nog niet naar andere organen uitgezaaide darmkanker. Deze stadia zijn potentieel te genezen door de tumor en eventueel aangedane lymfeklieren (stadium 3) operatief te verwijderen. Bij stadium 4 zijn er uitzaaiingen naar andere organen aanwezig.

Kans op terugkeer van ziekte

Er is bij stadium 1 tot en met 3 een kans op terugkeer van de ziekte. Die kans neemt toe naarmate het stadium hoger wordt. Het is moeilijk te voorspellen bij welke patiënten de ziekte zal terugkomen en welke patiënten door een operatie genezen zijn. Een klein deel van de patiënten met stadium 2 (met specifieke risicokenmerken) dikke darmkanker en in principe alle patiënten met stadium 3 dikke darmkanker (met aangedane lymfeklieren bij de tumor) worden geadviseerd na de operatie een behandeling met aanvullende chemotherapie te ondergaan. Dit zorgt voor een verkleining van de kans dat de ziekte terugkomt.

Circulerend tumor DNA

Bij ongeveer 20% van patiënten met stadium 2 dikkedarmkanker zal de ziekte terugkomen. De groep patiënten met stadium 2 krijgt nu alleen bij aanwezigheid van specifieke risicokenmerken het advies om met aanvullende chemotherapie behandeld te worden. We weten dat bij patiënten met kanker vaak kleine fragmenten van DNA van de tumorcellen in het bloed aan te tonen zijn. We zullen in dit onderzoek in het bloed kijken naar de aanwezigheid van dit circulerend tumor DNA (ctDNA). Bij andere soorten kanker is gerapporteerd dat bij terugkeer van ziekte dit ctDNA eerder is aan te tonen dan dat de ziekte zichtbaar is op een CT scan.

We willen gaan onderzoeken of het opnieuw aanwezig zijn van ctDNA in het bloed van patiënten na operatie een goede voorspeller is voor terugkeer van de ziekte. We zullen kijken naar de aanwezigheid van ctDNA voor de operatie en op verschillende tijdstippen daarna. Wellicht kan het aanwezige ctDNA een betere selectie betekenen voor advies tot aanvullende chemotherapie dan de huidige risicokenmerken.
De resultaten van deze studie zouden in ons in de toekomst verder kunnen helpen bij een betere identificatie van patiënten met een stadium 2 darmkanker die de ziekte terug zullen krijgen en dus mogelijk baat hebben bij een aanvullende behandeling.

Terug